Historie

Middelburg, ontstaan uit een rond het jaar 880 tegen de Noormannen opgeworpen burg of burcht, is concentrisch gebouwd. In het oudste gedeelte van de stad, de binnenste cirkel, ligt de Abdij. Tot 1574 was de zetel van de Norbertijnen of Premonstratensers, naar hun witte pijen ook wel witheren geheten. Vanaf 1574 zetelt het Provinciaal Bestuur in het Abdijcomplex. Ook vindt u er thans het Roosevelt Study Center, het Zeeuws museum en het Historama, waar de historie van de Abdij wordt getoond.

De Abdij telt twee, eigenlijk drie, kerken. Te weten de Koorkerk, de Nieuwe kerk en daar tussen de Wandelkerk of het Auditorium. Aanvankelijk was er één Abdijkerk. De huidige kerkgebouwen ontstonden rond 1300. De Nieuwe Kerk werd na een brand in 1568 herbouwd. De Lange Jan dateert uit de veertiende eeuw. De romp is bekleed met ledesteen en heeft een achtkantige vorm. De bovenzijde en met name de spits zijn diverse malen door brand verwoest. Zo in 1568, 1712 en 1940. De laatste brand was de meest ingrijpende. Middelburg kwam op 17 mei 1940 in de vuurlinie te liggen en werd door de Duitsers in brand geschoten. Een combiniatie van beschietingen en bombardementen verwoestte toen de binnenstad. Het grootste gedeelte van het Abdijcomplex en de Lange Jan werd verwoest. Al op 8 augustus 1940  ontving architect Jan de Meyer uit Amsterdam van het Middelburgse gemeenstebestuur de opdracht tot restauratie van de toren. De bovenbouw werd weliswaar iets anders dan voor de vernieling herbouwd (zo staan de wijzerplaten niet meer los), maar het is toch een heel geslaagde reconstructie te noemen. De officiële heropening van de toren vond plaats op 11 juni 1955. De torenspits eindigt in een keizerskroon, die teruggaat op Maximiliaan van Oostenrijk.

Overigens danken de Middelburgers hun bijnaam aan de Lange Jan. Eens, in een ver verleden moet een inwoner van de Zeeuwse hoofdstad (die vermoedelijk te diep in het glaasje had gekeken), het schijnsel van de maan op de toren voor vlammen hebben aangezien... De gealarmeerde brandweer kon gelukkig weer onverrichter zake naar huis vertrekken. Sindsdien heten de Middelburgers 'Manenblussers".